Home » Ontmoetingen » Peter R. De Vries (crime fighter)

Peter R. De Vries (crime fighter)

Dit stukje is maar een hele kleine herinnering. Er zijn vele herinneringen. Grootse herinneringen. Sommigen menen dat ze hele slechte herinneringen moeten koesteren. Dit is mijn herinnering. Klein, gewoon, de gedachte aan een mens.

Het is 14 april 2011. Ik slenter over het Museumplein in Amsterdam richting de Jan Luijkenstraat. Ik ben wat te vroeg. Ik ben onderweg naar de boekpresentatie van Boris Dittrich. Zijn eerste thriller. Ik mag erbij zijn want ik heb Boris al eerder ontmoet.

Als ik een tijdje sta te lummelen voor Uitgeverij Nieuw Amsterdam komt er een motor aan. Lange vent in zwart leer en met zwarte helm stapt af. Het is warm voor april. Als hij de helm van het hoofd trekt zie ik dat hij vrij bezweet is. Het is Peter R. De Vries. Niet geheel onverwacht, want ik weet dat hij een praatje gaat houden bij de boekpresentatie. Maar op de motor had ik hem niet verwacht.

‘Best warm al,’ zeg ik weinig verheffend, nadat hij mij even onderzoekend opnam en me met een ‘Hoi’ en hoofdknik groette.
‘Ja zweten,’ zegt hij, ‘maar met de auto rijden in Amsterdam doe ik allang niet meer. Onbegonnen werk.’
‘Ik ben hier ook voor Boris,’ zeg ik.
‘Ah leuk,’ zegt hij, ‘is hij er al?’
‘Ik weet het niet, ik wachtte hier nog wat,’ antwoord ik. Ik steek mijn hand uit en noem mijn naam. Hij drukt mijn hand en noemt de zijne, volgens mij zonder de ‘R,’ maar ik weet dat niet meer zeker.
‘Kom mee,’ zegt hij, ‘we gaan naar binnen.’

Bij de kapstok ontdoet hij zich van de motorkleding. Ik hou zijn helm even vast. Het is er vrij nauw en hij leunt even op mijn schouder als de motorkleding niet meewerkt.
‘Dankje,’ zegt hij.

In het geroezemoes verdwijnt hij snel. Er zijn enkele prominenten waarmee hij snel in gesprek raakt. En met Boris zelf natuurlijk. Tijdens de boekpresentatie houdt hij een praatje, in de hem zo kenmerkende stijl.

Als na afloop ik vlakbij hem sta, samen met Boris en zijn vader, knikt hij nog even naar me. Ik grijns wat. Even later vertrek ik.

Ik zei het al, een kleine herinnering. Maar hij komt vanaf 2021 elk jaar twee keer voorbij, op 6 en 15 juli.

Rust zacht kerel, ik vond je aardig.